-
Tentoonstellingen
-
Matisse tot Malevich
- Inleiding
- Hoogtepunten van de tentoonstelling
- Achtergrond door Henk van Os
- Sergej Sjtsjoekin en anderen
-
Biografieën kunstenaars
- Auguste Chabaud
- André Derain
- Kees van Dongen
- Georges Dufrenoy
- Raoul Dufy
- Henri Le Fauconnier
- Othon Friesz
- Charles Guérin
- Alexej von Jawlensky
- Wassily Kandinsky
- Marie Laurencin
- Kazimir Malevich
- Henri Manguin
- Albert Marquet
- Henri Matisse
- Amédée Ozenfant
- Pablo Picasso
- Jean Puy
- Georges Rouault
- Chaim Soutine
- Maurice Utrillo
- Louis Valtat
- Maurice de Vlaminck
- Terminologie
- De Russische literatuur rond 1900
- Foto's van de tentoonstelling
- Publicaties
- Verwante literatuur
- Filmprogramma
- Links
- Matisse tot Malevich & de pers
-
Archief
- Recensies
-
Verwacht
-
De onsterfelijke Alexander de Grote
- Inleiding
- Achtergrond van de tentoonstelling
- Hoogtepunten van de tentoonstelling
- Het leven van Alexander de Grote
- De reis van Alexander de Grote
- Photos by Erwin Olaf
- Morphing Alexander by Erwin Olaf
- Citaten over Alexander de Grote
- De opbouw van de tentoonstelling
- Filmprogramma
- Verwante literatuur
- Links
- Allard Pierson Museum
- Lucia Ganieva’s Ermitazhniki
-
-
Archief
-
-
Activiteiten
Hermitage St.-Petersburg
-
St.-Petersburg & Rusland
-
Hermitage Amsterdam en Amstelhof
Hermitage voor kinderen
Acties & arrangementen
Zaalverhuur Hermitage Amsterdam
Hermitage Reizen
Filmarchief
Vertel uw verhaal
Veelgestelde vragen
Biografieën kunstenaars
Pablo Picasso
Pablo Picasso (1881-1973) kreeg al op jonge leeftijd les van zijn vader, die tekenenleraar was. Op zijn twaalfde ging hij naar de Lonja, een kunstschool, in Barcelona en daarna, in 1897 naar de Academia Real in Madrid. In 1900 reisde Picasso voor het eerst naar Parijs. Daar ontdekte hij nieuwe mogelijkheden op het gebied van kleurgebruik, vooral dankzij het werk van Van Gogh en Gauguin. Na de zelfmoord van een goede vriend, Casagemas, in 1901 werd somber blauw de dominante kleur in Picasso’s schilderkunst, tot 1904, de Blauwe Periode. Daarna schakelde de kunstenaar over op een warmer palet met roze tinten – de Roze Periode, van 1904 tot 1906. In de zomer van 1906 verbleef hij in het afgelegen Noord-Spaanse dorp Gosol, waar hij zijn eerste stappen zette op de weg naar het kubisme. Geïnspireerd door Cézanne en Afrikaanse beelden experimenteerde hij met geometrische vormen. Eind 1906 begon Picasso aan een groot schilderij dat later bekend werd als Les Demoiselles d’Avignon, met daarop een groep prostituees met gedeformeerde lichamen en maskerachtige gezichten. De zomer van 1909 bracht hij door in het Catalaanse Horta de Sant Joan. Samen met Georges Braque ontwikkelde hij in de daarop volgende jaren het kubisme, waarbij zij het gebruikelijke perspectief verlieten en objecten vanuit verschillende gezichtspunten weergaven. In 1912 maakten Picasso en Braque hun eerste collages, waarbij zij krantenknipsels en andere materialen in hun schilderijen integreerden. In 1917 bezocht Picasso Italië en werkte hij met Sergej Diaghilev aan het ballet Parade.
Vanaf ongeveer 1917 tot midden jaren twintig is Picasso’s werk traditioneler en keert hij terug naar de figuratie; een periode die ‘neoclassicistisch’ wordt genoemd. Daarna verschenen bizarre, gedeformeerde en soms agressieve wezens in Picasso’s werk, die de invloed van het surrealisme laten zien.
In 1937 vervaardigde hij zijn beroemde schilderij Guernica, een aanklacht tegen de gruwelen van oorlog. Picasso bleef ook na de Tweede Wereldoorlog, tot aan het eind van zijn leven, onverminderd productief en innovatief. Zo maakte hij variaties op schilderijen van oude meesters, sculpturen in allerlei materialen en hield hij zich een tijd lang bezig met een voor hem nieuw terrein, de keramiek. Daarnaast was hij politiek actief: hij nam deel aan vredesconferenties en was vanaf 1944 lid van de communistische partij, tot aan zijn dood. Na de Tweede Wereldoorlog leefde Picasso en Zuid-Frankrijk, vanaf 1961 bij Mougins.
Picasso at work, Keystone, Getty Images.jpg
Openingstijden
De Hermitage Amsterdam is dagelijks geopend van 10:00 - 17:00 uur en op woensdag tot 20:00 uur.
Henri Matisse, De rode kamer (Harmonie in rood), 1908 © Succession Henri Matisse c/o Pictoright Amsterdam 2010
De Hermitage Amsterdam is gevestigd aan de Amstel 51
Voor meer informatie:
0900-HERMITAGE (0900-437648243) lokaal tarief
Rolstoelfaciliteiten
Alle zalen en faciliteiten zijn rolstoelvriendelijk. Er zijn drie invalidentoiletten. Het gebouw heeft drie publieksliften. Het reserveren van rolstoelen of rollators is aan te raden, via boeking@hermitage.nl
Bedankt
De Hermitage Amsterdam bedankt:
